share this post

on this page

Je plannen liggen klaar: een extra productielijn, twintig laadpunten voor de vloot, een uitbreiding van de koelcapaciteit. En dan komt het antwoord van de netbeheerder: geen ruimte, wachtlijst, misschien over een paar jaar. Groeien binnen een volle netaansluiting kan wel, maar dan begint het bij de vraag hoeveel vermogen je écht tegelijk nodig hebt. In vrijwel elk bedrijf is dat minder dan de optelsom van alle apparatuur suggereert, en dat verschil is precies je groeiruimte.

TL;DR

De wachtlijst van de netbeheerder is geen eindpunt, maar het startpunt van een andere rekensom.

  • Je gecontracteerde vermogen is niet je plafond. Je gelijktijdige piek is dat wel, en die kun je sturen.
  • Van Ommen bouwde een nieuwe productiehal in een congestiegebied, zonder zwaardere aansluiting.
  • Vier locaties, vier sectoren, vier krappe aansluitingen: 74 kW bij Enexis, 79 kW bij Pola, 57 kW bij Hoogvliet, 55 kW bij Holtkamp Horeca.
  • Flexibiliteit zit meestal in vier hoeken: laden, koelen en verwarmen, batterijopslag en verschuifbare processen.
  • Reken je uitbreiding eerst door in een simulatie, dan weet je vóór de investering of het past.

Niet wachten op nieuwe kabels dus, maar rekenen aan wat er al ligt.

Waarom je groei vastloopt op de aansluiting

Voor de meeste bedrijven is netcongestie geen abstract landelijk probleem. Het wordt concreet op het moment dat er een plan ligt. Een nieuwe vestiging, elektrificatie van het wagenpark, een warmtepomp in plaats van de gasketel, extra machines voor een order die je net binnen hebt.

Op dat moment blijkt de aansluiting het knelpunt. Niet omdat er structureel te weinig stroom is, maar omdat je gecontracteerde vermogen is bepaald op basis van een situatie van jaren geleden. Verhogen kan vaak niet, of pas na een wachttijd die zich niet verhoudt tot je businessplan. Op de capaciteitskaart van Netbeheer Nederland zie je per gebied hoe krap het is voor afname en teruglevering.

De reflex is dan om de uitbreiding uit te stellen. De vraag die daaronder ligt, wordt zelden gesteld: hoeveel van je huidige aansluiting gebruik je eigenlijk op het drukste moment van het jaar?

Je piek is niet je verbruik

Bedrijven rekenen hun capaciteitsbehoefte meestal op papier uit: alle vermogens optellen en daar een marge bovenop. Zo ontstaat een aanvraag voor een zwaardere aansluiting die in de praktijk nooit volledig wordt gebruikt.

Wat je netbeheerder factureert en wat je aansluiting begrenst, is je hoogste kwartierpiek. Die piek ontstaat op een handjevol momenten per jaar, vaak door toeval: een koelinstallatie die aanslaat terwijl vier bestelbussen tegelijk beginnen te laden en de compressor opstart. Verschuif één van die drie een half uur, en de piek verdwijnt.

Dat is de kern van piekbelasting verlagen: je verbruikt evenveel energie, maar je spreidt het anders over de dag. De capaciteit die daardoor vrijkomt, kun je gebruiken voor je uitbreiding.

smart-grid-zonnepanelen-slimmer-terugleveren

Generated with AI

Waar de ruimte meestal verstopt zit

Vier hoeken leveren in de praktijk het meeste op:

  • Laadinfrastructuur. Voertuigen staan bijna altijd langer stil dan ze nodig hebben om vol te laden. Sturing op vertrektijd in plaats van op aankomsttijd geeft direct lucht. Hoe je dat inricht, lees je in ons artikel over laadinfrastructuur opzetten.
  • Koeling en verwarming. Een koelcel of vriescel heeft thermische massa en kan korte tijd zonder actieve koeling, binnen de grenzen die jij of je beheerder vastlegt.
  • Batterijopslag. Een batterij verhoogt je vermogen op het moment dat het schaars is, mits hij op het juiste moment geladen is. Zonder sturing is hij vooral een dure buffer.
  • Verschuifbare processen. Opladen van heftrucks, persluchtcompressoren, waterbehandeling, opstarten van productiebatches. Alles wat niet exact om 08:00 hoeft, is ruimte.

Wat deze vier gemeen hebben: los van elkaar leveren ze weinig op. In samenhang aangestuurd vormen ze het flexibele vermogen waarmee je binnen je aansluiting blijft en waarmee je bovendien kunt meedoen aan congestiemanagement van de netbeheerder.

Eerst doorrekenen, dan investeren

Hier gaat het vaak mis. Een bedrijf koopt een batterij van 300 kWh omdat die maat toevallig geadviseerd werd, ontdekt daarna dat de piek op een ander moment valt dan de batterij kan opvangen, en concludeert dat het niet werkt.

Een energiesimulatie draait die volgorde om. Je bouwt een digitale kopie van je locatie met je werkelijke meetdata, je assets, je aansluiting en je contractuele grenzen. Daarin leg je je uitbreidingsplan naast verschillende scenario’s: met en zonder batterij, met twintig of veertig laadpunten, met de nieuwe productielijn erbij.

Wat je eruit haalt, is een onderbouwd antwoord op drie vragen:

  • Past mijn uitbreiding binnen mijn huidige gecontracteerde vermogen?
  • Zo nee, welke combinatie van sturing en assets is er minimaal nodig?
  • Wat kost dat, en wat levert het op ten opzichte van wachten op verzwaring?

De uitkomsten zijn een indicatie op basis van je eigen data en expliciete aannames, geen garantie. Maar ze zijn wel reproduceerbaar en uitlegbaar, ook richting je CFO of je netbeheerder. Tibo draait die simulatie samen met de installateur die het project uitvoert, zodat het model en de uiteindelijke installatie op elkaar aansluiten.

Generated with AI

Wat dit in de praktijk oplevert

Het duidelijkste voorbeeld van groei binnen een vol net is Van Ommen. Dit productiebedrijf wilde uitbreiden met een nieuwe hal, in een gebied met congestie. Samen met Hollander Techniek is het energiesysteem zo ontworpen en aangestuurd dat de uitbreiding past binnen de bestaande situatie, met lagere kosten en vijftien jaar zekerheid over de opzet.

Bij de case bij Enexis in Best was de marge nog krapper: een groot distributiecentrum op een aansluiting met slechts 74 kW gecontracteerd vermogen. Verhogen was geen optie, zelfs niet voor een netbeheerder. Met zonnepanelen, batterijopslag, laadinfrastructuur en voorspellende sturing draait de locatie binnen die grens, met circa 45 procent lagere energiekosten en 50 procent minder CO₂-uitstoot.

Dat patroon herhaalt zich over sectoren heen. Kijk naar het vermogen waarbinnen deze locaties draaien:

  • 74 kW bij Enexis in Best, een distributiecentrum

  • 79 kW bij Technisch Buro Pola, een volledige bedrijfsoperatie

  • 57 kW bij Hoogvliet in Amersfoort, een draaiende supermarkt zonder verzwaring

  • 55 kW bij Holtkamp Horeca, een productielocatie die binnen die grens is opgestart

Geen van deze bedrijven kreeg meer capaciteit van de netbeheerder. Ze haalden meer uit de capaciteit die er al lag.

Ook in specifieke situaties werkt dezelfde logica. Winclove Probiotics combineerde opslag met sturing om in Amsterdam-Noord om te gaan met congestie. Bij Lidl in Almere gingen zeventien elektrische trucks in gebruik door laadsessies te koppelen aan de logistieke planning. En op het Kempisch Bedrijvenpark delen bedrijven capaciteit binnen één hub, waardoor er ruimte ontstaat die niemand alleen had gehad.

Zo pak je het aan

  • Haal je kwartierdata op. Bij je netbeheerder of leverancier. Een jaar aan meetwaarden laat zien wanneer je pieken vallen en hoe vaak.
  • Bepaal je echte marge. Vergelijk je hoogste piek met je gecontracteerde vermogen. Het verschil is je startruimte.
  • Inventariseer je flexibiliteit. Welke assets kun je verschuiven, en binnen welke grenzen accepteert je operatie dat?
  • Simuleer je uitbreidingsplan. Leg scenario’s naast elkaar voordat je iets bestelt.
  • Zet het model om in sturing. Wat je simuleert, laat je daarna automatisch aansturen, zodat de berekende ruimte ook echt beschikbaar blijft.

Stap vijf wordt vaak vergeten. Een plan dat klopt op papier houdt alleen stand als er dagelijks iemand of iets op stuurt. Een energiemanagementsysteem herberekent elke vijf minuten het optimale schema voor de komende 48 uur, op basis van energieprijzen, weersverwachting, je verbruikspatroon en de status van je assets. Zo blijf je binnen je grenzen zonder dat iemand er dagelijks naar hoeft te kijken. Dat is ook wat een locatie smart grid ready maakt.

Benieuwd hoeveel ruimte er bij jou zit?

De snelste manier om erachter te komen of je uitbreiding past, is hem doorrekenen op je eigen data. In een demo laten we zien hoe een simulatie eruitziet voor een locatie als die van jou, en wat de sturing daarna overneemt.

Veelgestelde vragen

Vaak wel. De wachtlijst gaat over extra gecontracteerd vermogen. Als je uitbreiding binnen je bestaande vermogen past door pieken te spreiden en assets aan te sturen, hoef je niet op de netbeheerder te wachten. Zie ook het overzicht van mogelijkheden bij netcongestie van RVO.

Dat verschilt per locatie en hangt af van hoeveel flexibel vermogen je hebt. Bedrijven met laadinfrastructuur, koeling of batterijopslag hebben doorgaans meer speelruimte dan een locatie met één constant draaiend proces. Een simulatie geeft een indicatie voor jouw situatie.

Nee. Begin met doorrekenen. In sommige gevallen levert het verschuiven van bestaande verbruikers al genoeg op, en blijkt een batterij pas nodig bij een volgende uitbreidingsstap.

Jij bepaalt de grenzen. Welke processen wel en niet verschoven mogen worden, en binnen welke marges, leg je vooraf vast. Sturing van verwarming of koeling gebeurt altijd in overleg met de beheerder van het gebouw.

Volg ons

Het beste spul staat in de nieuwsbrief

Blogs zijn de samenvatting. Abonnees krijgen de diepere analyses, de eerlijke meningen en de inzichten die we niet zomaar overal delen. Meld je aan en blijf op de hoogte.